supplementen & vitaminen
Een kijk op supplementen en vitaminen door de bril van de Traditionele Chinese Geneeskunde
In de Chinese geneeskunde vindt zo’n 20% van het standaard repertoire van 500 medicinale substanties zijn herkomst buiten China. Medicinaal toegepaste kruiden als kardemom, kruidnagel, nootmuskaat en kaneel, kwamen onder meer vanuit Zuidoost en –west Azië. Abrikozen, perzik en pruimenpitten werden ingevoerd vanuit Centraal Azië en het Midden-Oosten. Zoethout kwam van zuid Rusland, saffraan van India en het Himalaya-gebergte en Amerikaanse ginseng vanuit de Verenigde Staten en Canada.
Chinese medicijnen zijn, ofschoon zij ook in het Chinees worden aangeduid met yao (= kruiden), overigens niet altijd van plantaardige origine. Ook dierlijke en minerale substanties worden toegepast. Chinese artsen en apothekers hebben de vele plantaardige, dierlijke en minerale substanties en stoffen eeuwenlang grondig bestudeert. Daaruit is een grote variëteit aan productie- en verwerkingstechnieken voortgekomen, waarmee zij de medicijnen/kruiden krachtiger en geconcentreerder konden maken, met minder bijwerkingen en giffen. De zogenoemde Chinese kruidengeneeskunde, was grotendeels het werk van de Taoïstische alchemisten die in feite de voorvaderen waren van de huidige chemische wetenschappen.
Chinese kruiden en vitaminenDe medicijnen, die binnen de praktijk voor Chinese geneeskunde worden voorgeschreven, hebben dus niet slechts hun oorsprong binnen China en zijn niet per definitie van natuurlijke of plantaardige herkomst. Ook is het niet zo dat zij alleen in hun oorspronkelijke, onbewerkte vorm voorgeschreven zouden mogen worden. Daarom is er ook geen reden te denken dat bijvoorbeeld vitaminen en mineralen niet zouden kunnen worden voorgeschreven, als onderdeel van een behandeling op basis van uitgangspunten van de traditionele Chinese geneeskunde.
Wanneer vitaminen, mineralen, aminozuren, enzymen en vetzuren medicinaal worden toegepast, worden zij beschouwd als orthomoleculaire supplementen. Orthomoleculair betekent dat het gaat om dezelfde moleculen als waaruit het lichaam zelf bestaat. Orthomoleculaire supplementen zijn in essentie concentraties van voedingssubstanties die normaliter worden aangetroffen in onze voeding.
Veel mensen vragen zich af:
als vitaminen en mineralen al in onze voeding voorkomen, waarom we dan niet voldoende van deze stoffen kunnen binnenkrijgen vanuit die dagelijkse voeding. Dat is een goede vraag, maar een die eigenlijk gemakkelijk kan worden beantwoord. Hieronder volgen een achttal redenen waarom aanvullende voedingssupplementen binnen ons huidige leefpatroon in meer of mindere mate nodig zijn.
- Veel mensen in het Westen houden er geen gezond en uitgebalanceerd voedingspatroon op na. We eten niet genoeg verse groenten en we eten te veel suikers, proteïnen en vetten. Deze voedingssubstanties zetten aan tot het overmatige verbruik van bepaalde andere voedingsstoffen. Bijvoorbeeld, wanneer iemand veel vlees eet, heeft deze persoon meer calcium nodig. En veel suiker leidt tot extra verbruik van zink.
- Veel voedsel dat we eten groeit tegenwoordig in 'arme' grond, een gevolg van overmatig gebruik van kunstmatige meststoffen en andere moderne, maar kortzichtige bewerkingsprocessen.
Daarbij eten we steeds meer voedsel waarbij vitaminen en enzymen verloren zijn gegaan door de manier waarop het voedsel is geprepareerd of bewaard. Zoals bijvoorbeeld door het in te blikken, in te vriezen, te bestralen of te de-hydrateren.
- We staan bloot aan toxische chemicaliën in ons water, de lucht en ons voedsel. dat geeft een extra aantasting van onze gezondheid. Dit geeft weer aanleiding tot de behoefte aan extra voedingsstoffen om die overbelasting zoveel mogelijk te neutraliseren.
-
De meeste mensen leven tegenwoordig in dichtbevolkte steden en gebieden. Zij staan, vaak zonder dat zij er erg in hebben, bloot aan grote emotionele en mentale stress. Dit is een zwaar onderschatte, negatieve factor op het gebied van onze algehele gezondheid, met name ten aanzien van ons zenuwstelsel. Er zijn gewoon veel te veel en te zware stressfactoren waaronder de meeste mensen tegenwoordig dagelijks gebukt gaan. Dergelijke vormen van stress leiden tot verbruik van grote hoeveelheden B-vitaminen en mineralen.
-
Onze huidige levensstijl is nauwelijks meer aangepast op het verloop van de seizoenen en het dag-nachtritme. De mens is het enige levende organisme op aarde die het eigen bioritme structureel ondermijnt. Iedere plant of boom zal zich, waar mogelijk, aanpassen aan de seizoenen en aan de overgang van dag naar nacht en v.v. Dat betekent b.v. dat wanneer we naar de winter gaan, de dieren een dikkere vacht krijgen en sommige soorten zich prepareren voor hun winterslaap. Bomen en planten verliezen in de herfst hun bladeren en zorgen ervoor dat de ‘levenssappen’ naar binnen getrokken zijn, veilig opgeslagen tegen de kou.
De meeste mensen leven echter het hele jaar door binnen een zelfde soort dagelijks patroon. Bijvoorbeeld voor wat betreft de voeding: veel voedingsmiddelen zijn tegenwoordig het hele jaar door verkrijgbaar. Of met betrekking tot sportieve inspanningen: ook ’s winters in een dun hesje joggen bijvoorbeeld; Mensen trekken zich vaak weinig aan van de specifieke kenmerken en invloeden van de verschillende seizoenen. -
Als gevolg van het gebruik van koffie, alcohol en tabak, worden grote hoeveelheden voedingsstoffen verbruikt en sommige worden niet of slecht opgenomen. Dit is ook het geval bij blootstelling aan geomantische en/of elektromagnetische straling en het gebruik van bepaalde medicijnen zoals antibiotica en ‘de pil’.
-
Tegenwoordig lijden veel mensen aan chronische ziekten. Sommige van deze ziekten (o.a. ziekten van de spijsvertering) brengen vaak een extra hoog verbruik van bepaalde voedingsstoffen met zich mee of kunnen ertoe leiden dat bepaalde voedingstoffen niet worden opgenomen uit ons voedsel.
-
Ofschoon veel mensen denken dat ze gezond eten, zijn ze zich niet bewust van de energetische werking van bepaalde voedingsmiddelen. Bepaalde voedingsstoffen hebben b.v. een ‘koude’ energetische waarde (o.a. sommige soorten fruit) wat betekent dat deze voeding ons fysiologische systeem verkoelen. Citrusfruit in de zomermaanden eten is dan ook prettig. In de wintermaanden echter niet, aangezien we dan juist geen ‘interne’ verkoeling nodig hebben. Zo zijn er ook voedingsmiddelen die een ‘warme’ energetische waarde hebben zoals veel specerijen en lamsvlees. Te lang en teveel gebruik van voedingsmiddelen met een koude/verkoelende of juist hete/verwarmende energetische waarde, kunnen op termijn o.a. problemen met de spijsvertering en stoelgang veroorzaken. Ook kan het van invloed zijn op het centrale zenuwstelsel, waardoor er cognitieve- en gedragsproblemen kunnen ontstaan. Ten aanzien van dat laatste wordt in het Westen pas sinds kort enig verband vermoed met (verkeerde) voeding.
De energetische waarden van voedingsmiddelen
Kruiden en voedingsstoffen kunnen een van de volgende vijf temperatuurwaarden hebben: koud - koel - neutraal – warm – heet. Deze waarden geven aan welk effect het betreffende voedingsmiddel heeft op de lichaamstemperatuur. M.a.w. warm en heet voedsel hebben de neiging de lichaamstemperatuur te verhogen en koele en koude voedingsstoffen zullen een verkoelende uitwerking hebben. Deze temperatuurwaarden hebben niets te maken met de smaak van een voedingsmiddel en ook de feitelijke temperatuur bij bereiding staat niet per definitie in verband met de energetische waarde.
Voorbeelden van koele tot koude voedingsmiddelen:
Fruit zoals appels, bananen, papaya, grapefruit (vruchtvlees) , mango, kiwi, sinaasappels (vruchtvlees), peren, pruimen, pomelo, watermeloen, aardbeien
Groenten zoals: alfalfa, taugé, asperges, bamboescheuten, broccoli, sla, kool, selderie, aubergine, champignons, radijs, spinazie, tomaten, waterkers
Granen zoals boekweit, tarwe
Andere voedingsmiddelen: krab, kelp, pepermunt, zout, sojasaus, tahoe/tofu, groene thee
Voorbeelden van neutrale voedingsmiddelen:
Noten en zaden zoals amandelen, hazelnoten, pinda’s, sesamzaad (zwart of geel)
Granen zoals haver, rijst
Fruit zoals abrikozen, druiven, vijgen, ananas, dadels
Dierlijk eiwit zoals rundvlees, kippeneieren, eend, varkensvlees
Groenten zoals maïs, sperziebonen, erwten, aardappelen, zwarte of gele sojabonen, olijven
Andere voedingsmiddelen honing, witte suiker, koeienmelk, oesters, inktvis
Voorbeelden van warme tot hete voedingsmiddelen:
Dranken zoals alcohol, zwarte thee, koffie
Kruiden zoals anijs, basilicum, cayenne- en zwarte peper, karwijizaad, kaneel, kardemom, kruidnagel, koriander, mosterd, nootmuskaat, rozemarijn, dille, saffraan, tijm, knoflook, gember
Groenten zoals wortel, bloemkool, uien, pompoen
Fruit zoals kersen, lychee, perzik, grapefruitschil, citroen, sinaasappelschil
Andere voedingsmiddelen zoal kastanjes, walnoten, kokos, kippenvlees, lamsvlees, mosselen, garnalen, paling, geitenmelk, yoghurt, bruine suiker, azijn
De acht opgevoerde redenen geven voldoende aanleiding tot het idee dat bepaalde voedingsstoffen, die niet afdoende aanwezig blijken te zijn in onze voeding of waarvan de mens er op andere manieren onvoldoende van opneemt, dienen te worden aangevuld met vitaminen en mineralen. Dat kan in de vorm van zorgvuldig samengestelde en kwalitatief hoogwaardige voedingssupplementen. Dit betekent overigens niet dat wanneer men maar genoeg voedingssupplementen gebruikt, een gezond voedingspatroon niet meer nodig zou zijn.
De basismethodiek van de traditionele Chinese geneeskunde is gericht op het aanwenden van een gelijkwaardige tegengestelde kracht, noodzakelijk om een persoon weer in zijn gezonde evenwicht terug te krijgen. Simpel geredeneerd zou het voorschrijven van vitamine C gunstig kunnen uitwerken op een persoon die teveel hitte in zich heeft, aangezien vitamine C een sterk verkoelende uitwerking heeft. Aan de andere kant, kan een te grote hoeveelheid vitamine C (m.a.w. een te groot verkoelend effect) weer aanleiding geven tot beschadiging van de milt en leiden tot diarree als gevolg van zgn. ‘Milt leegte’, een Chinese diagnose van een in het westen veel voorkomende kwaal.
Omdat supplementen van vitaminen en mineralen vaak sterk geconcentreerde hoeveelheden van deze ingrediënten bevatten, zouden zij moeten worden beschouwd als medicijnen in plaats van voedingssupplementen. Dat betekent dat zij met dezelfde zorgvuldigheid en bedachtzaamheid moeten worden voorgeschreven als ieder ander medicijn. Wanneer een substantie sterk genoeg is om iemand terug in evenwicht te brengen, is deze substantie ook sterk genoeg om iemand juist uit evenwicht te brengen indien het verkeerd of onnodig wordt toegepast.
Tot slot is het nog van belang te wijzen op de grote prijsverschillen die er tussen de merken voedingssupplementen onderling bestaan. Menig cliënt zal daar een punt van maken als hij wordt geadviseerd een voedingssupplement te gebruiken van een bepaald merk wat drie maal duurder blijkt te zijn dan een soortgelijke pot van bijvoorbeeld het Kruidvat of de Hema. Men vergeet gemakkelijk dat een dergelijke eendimensionale vergelijking (alleen op prijs) niet zuiver is, aangezien men dan voorbij gaat aan het feit dat er enorme verschillen kunnen bestaan op het gebied van de kwaliteit en herkomst van de ingrediënten, het gebruik van (onnodige?) toevoegingen en vulmiddelen, de concentratie, de plantaardig of synthetische herkomst, de zorgvuldigheid van de samenstelling, etc.
Een zuivere vergelijking is weliswaar soms lastig vanwege de niet altijd traceerbare herkomst van ingrediënten, maar onderzoek toont regelmatig aan dat goedkopere supplementen qua werkzaamheid en kwaliteit zwaar onderdoen voor de duurdere, professionelere merken. Zo kan het er uiteindelijk op neerkomen dat mensen jarenlang een supplement hebben gebruikt wat eigenlijk geen effect heeft gehad en dus gewoon weggegooid geld is geweest.
Gedeeltelijk en vrij vertaald uit:Bob Flaws: The Tao of Healthy Eating – Dietary wisdom according to Chinese medicine. © Blue Poppy Press, 1998
Juul Vaessen, 2010
Disclamer:
Uit de strekking van dit artikel kan geen bindend advies worden afgeleid m.b.t. het gebruik van voedingssupplementen. We bevelen iedereen aan om bij klachten in eerste instantie de huisarts te raadplegen en indien nodig en mogelijk aan te dringen op samenwerking tussen de huisarts en de complementair behandelaar.
Uit bovenstaande informatie mag blijken dat deskundige begeleiding bij de keus voor aanvullend gebruik van voedingssupplementen zinvol is. Daarbij in acht genomen dat een acupuncturist een andere kijk heeft op deze materie dan een Westers opgeleid orthomoleculair therapeut, idem dito geldt dat voor een Ayurvedisch therapeut enz. Het verdient aanbeveling om je te houden aan de adviezen die je van je behandelaar krijgt, één en ander vormt dan immers een samenhangend geheel.
Iets wat niet iedere cliënt voor ogen houdt, we worden immers overspoeld met leuzes zoals 'Shop till you drop'. Een hapje hier, consultje daar.... Hierover is een mooi oud verhaal voorhanden, maar daarover later meer.
